-

Basisprincipes van de klassieke homepathie

Inleiding op de basisprincipes van de klassieke homeopathie

Tegenwoordig is er veel verwarring over wat homeopathie is en wat de mogelijkheden ervan zijn. In de maatschappij komt men op verschillende manieren de term homeopathie tegen: bij reformzaken en drogisterijen, via de homeopaat en als complement bij andere therapeuten/therapieën). Wat is nu precies wel homeopathisch en wat niet? Daarvoor is het belangrijk om het woord homeopathie goed te begrijpen. Het Griekse woord ‘homoios’ betekent ‘hetzelfde’ of ‘gelijken’ en ‘pathos’ betekent ‘ziekte’ of ‘lijden’. Daartegenover staat het woord allopathie. Deze term is afgeleid van de woorden ‘allos’ wat betekent ‘verschillend’ of ‘anders’ en ‘pathos’ ziekte. Met de term allopathie wordt vaak alle geneeswijzen aangeduid die symptomen en ziekten bestrijden met middelen die tegenovergesteld of onderdrukkend werken.

In principe zijn er veel vormen en varianten binnen de homeopathie. Alle vormen zijn echter afgeleid van de klassieke homeopathie. De grondlegger van de homeopathie (Samuel Hahnemann) sprak altijd over homeopathie, zonder dat hij de term klassiek erbij gebruikte. Later ontstonden veel verschillende vormen en aftakkingen en is men de term klassieke homeopathie gaan gebruiken om de oorspronkelijke vorm van homeopathie aan te duiden. Om te bepalen of verschillende stromingen en aftakkingen wel of geen homeopathie zijn moet men eerst de basisprincipes kennen.

Binnen de klassieke homeopathie, dus de oorspronkelijke vorm van homeopathie, hanteert men een paar basisprincipes:

Mens is één geheel

Binnen de homeopathie gaan we er van uit dat de mens niet een verzameling onsamenhangende organen of systemen is maar dat alle facetten van een levend organisme met elkaar verbonden zijn. De benadering van de mens is dus holistisch in die zin dat we uit gaan van een ziek mens en niet van een ziek orgaan of weefsel. Ziekte in organen en/of psyche zijn het gevolg van het ziek zijn van de mens. Dus door de mens te genezen en weer in balans te brengen verdwijnen de ziekten in organen en/of psyche.

Er zijn verschillende ideeën hoe dat precies werkt maar de meest eenvoudige is dat er een centraal systeem is dat het fysieke, emotionele en mentale van de mens als het ware beïnvloedt en reguleert. Dat er een relatie is tussen het fysieke en psychische binnen een mens is al vaak aangetoond: bijvoorbeeld door de effecten van stress op het lichaam of juist een positieve instelling op bepaalde klachten.

Samuel Hahnemann noemde dat centrale principe de Dynamus, terwijl James Tyler Kent het de Vitale Kracht en George Vithoulkas het Zelfverdedigingsmechanisme noemde. Ook wordt het wel eens vertaald met de term Levenskracht. Vele culturen hebben verschillende namen voor dit principe of mechanisme. Het gaat in beide gevallen om ‘iets’ dat een centrale, regulerende rol speelt binnen het organisme. Vaak wordt het met een vorm van energie vergeleken.

Wordt een organisme (mens of dier) ziek, dan ontstaat een verstoring in de Dynamus. Deze verstoring van de Dynamus heeft zijn effect op het organisme waardoor het niet meer naar behoren functioneert en er symptomen gaan ontstaan op fysiek, emotioneel en/of mentaal vlak. Zwakke plekken in het organisme worden dan als eerste aangedaan (tenzij de ziekmakende invloed zo sterk en overweldigend is dat verschillende stappen worden overgeslagen). Ook is het zo dat de gevolgen van zo’n verstoring niet alleen maar medische symptomen veroorzaken maar soms ook niet-medische symptomen zoals bijvoorbeeld een sterk verlangen naar bepaald voedsel, gevoeligheid voor bepaalde weerstypen, etc. Naarmate de verstoring toe neemt (men dus zieker wordt) worden de symptomen ernstiger en meer bedreigend voor een normaal bestaan. Een verstoring die ontstaat als gevolg van ziekmakende invloeden noemen we een natuurlijke verstoring. Deze natuurlijke verstoring gaat niet zomaar weg tenzij het gaat om een acute ziekte.

Afhankelijk van de aard van de verstoring ontstaan andere symptomen en kenmerken bij een mens. Aan de symptomen en kenmerken kunnen we zien welk middel het beste de verstoring kan oplossen. In die zin vertaalt het lichaam als het ware de verstoring in een aantal kenmerken en symptomen. Een klassiek homeopaat kan aan de hand van symptomen en kenmerken bepalen welk middel daarbij hoort en de verstoring opheffen waardoor men weer gezond wordt. Dit is een essentieel andere benadering van gezondheid en ziekte dan in de reguliere geneeskunde. In de reguliere geneeskunde behandelt men primair de verschillende symptomen en is de therapie erop gericht om die symptomen te temperen en te verminderen. Daardoor blijft men echter even ziek maar worden de symptomen gecamoufleerd, de ziekte neemt toe en andere, meer diepere zwakke plekken worden op den duur aangedaan.

Binnen de klassieke homeopathie proberen we de verstoring te herstellen (voor zover de ziekte omkeerbaar is) zodat weer een natuurlijke en gezonde toestand ontstaat die op een normale manier met invloeden van buitenaf om kan gaan.

Wetten van genezing

Aangezien we binnen de klassieke homeopathie er van uit gaan dat de mens een geheel is en we symptomen in de context van elkaar moeten zien hebben goede homeopaten in het verleden bepaalde wetten en principes ontdekt waaraan men kan zien dat men gezonder of zieker wordt. Men kan hierbij denken aan de wet van Hering. Overigens is het niet Hering die gezegd heeft dat hij een wet heeft bedacht maar is de term 'wet van Hering' later door misverstanden ontstaan. De wet van Hering wil zeggen dat je genezing of zieker worden kunt herkennen aan een bepaald verloop van de symptomen. In een toekomstig artikel zal hier dieper op in worden gegaan.

Naast de wetten van Hering kan men ook aan de hiërarchie die George Vithoulkas bedacht heeft goed inschatten of de patiënt beter of zieker wordt. De hiërarchie van Vithoulkas is veel gedetaileerder en completer dan de wetten van Hering. Ook hierover wordt in een toekomstig artikel meer geschreven.

Een andere verdienste van George Vithoulkas is het principe van de zogenaamde niveau's van gezondheid. Dit is een ander model om iemands niveau van ziekte of gezond zijn in te schatten. Dit model baseert zich onder andere op vatbaarheid voor bepaalde ziekten, ontstaan van chronische ziekten en aard en frequentie van optreden van acute ziekten. De hiërarchie volgens Vithoulkas is vooral een hulpmiddel dat gedetaileerd aangeeft of de patiënt gezonder of zieker wordt. Het model van niveaus van gezondheid geeft een grove inschatting van de mate van gezondheid en helpt vooral bij het bepalen van de prognose. Ook hierover wordt in een later artikel meer geschreven.

Similia similibus curentur: Het gelijkheidsprincipe

Binnen de allopathie (reguliere geneeskunde) is het voornaamste principe om klachten en ziekten te genezen door middelen te gebruiken die de symptomen verzachten, wegdrukken en voorkomen. Enkele voorbeelden hiervan:


Voor elke klacht of symptoom wordt vaak een middel of behandeling gekozen die de klacht of het symptoom tegen werkt. Dit is op het eerste gezicht een logische stap aangezien men de klachten weg wil hebben (of binnen acceptabele grenzen) en de eerste reactie is dan de kop indrukken. Dit is een snelwerkende werkwijze die over het algemeen dus snel resultaat oplevert. De werkwijze bestaat uit het onder controle houden van klachten. Echter het is niet een werkwijze die in het algemeen de oorzaak van de klachten opheft, waardoor de ziekte of symptomen niet meer ontstaan. Binnen de regulieren geneeskunde kent men dan ook amper medicatie die je kunnen genezen van een chronische ziekte in die zin dat de chronische ziekte niet meer aanwezig is als men stopt met de medicatie.

Bij homeopathie is de werkwijze omgekeerd: de klachten en symptomen worden behandeld met middelen die dezelfde combinatie van klachten kunnen opwekken bij gezonde mensen. Met andere woorden bij diarree wordt een middel gegeven waarvan bekend is dat het diarree op kan wekken bij gezonde mensen, bij slapeloosheid wordt een middel gegeven dat bij gezonde mensen slapeloosheid kan opwekken, etc. Het gaat daarbij om een zo precies mogelijke overeenkomst tussen de combinatie van klachten van de zieke persoon (ziektebeeld) en de combinatie van symptomen dat een middel kan genezen (geneesmiddelbeeld). Het geneesmiddelbeeld wordt bepaald door resultaten uit zogenaamde geneesmiddelproeven en ervaring van het genezen van patiënten. We geven een middel omdat een middel dat qua geneesmiddelbeeld overeenkomt met het ziektbeeld de verstoring van de Dynamus kan herstellen.

Men zou verwachten dat als een middel bepaalde klachten bij gezonde mensen kan opwekken dat die klachten juist versterkt of ook opgewekt zouden moeten worden bij zieke mensen. Dit blijkt echter niet het geval te zijn.

Bij homeopathie draait het dus om het genezen van klachten met middelen die diezelfde klachten kunnen veroorzaken bij een gezond persoon. Strikt genomen is dus een middel pas ‘homeopathisch’ als het past bij het totaalbeeld aan klachten waar de patiënt last van heeft.

Het is belangrijk dat niet naar één specifieke klacht of symptoom wordt gekeken bij het kiezen van een homeopathisch middel. Het gaat om het totaal beeld van de zieke persoon. Met andere woorden het homeopathisch middel moet niet één bepaald symptoom kunnen opwekken om te kunnen helpen maar de specifieke combinatie van symptomen en kenmerken waar de patiënt last van heeft. Zie hiervoor ook het principe ‘Individualiseren’.

Samual Hahnemann kon in de medische literatuur ook een verklaring vinden voor bovenstaande principe. Zoals beschreven in het artikel over de geschiedenis van homeopathie, had Samuel Hahnemann veel medische kennis en vanwege zijn voorliefde voor vertalen en boeken las hij veel over medische zaken. Hij constateerde door het lezen van literatuur en uit zijn eigen ervaringen dat mensen met bepaalde ziekten geen last hadden van een andere ziekte, soortgelijke ziekte of dat juist de ziekte waar ze last van hadden tijdelijk verdween als ze last kregen van een andere ziekte. Hij kwam tot verschillende conclusies als er sprake was van een situatie waarin twee ziekten gelijktijdig optraden.

Bij twee totaal verschillende (ongelijksoortig) ziekten zal de sterkere ziekte de overhand krijgen en zal de zwakkere ziekte geen kans krijgen of tijdelijk naar de achtergrond gaan. Samuel Hahnemann gaf in de Organon als voorbeeld een tuberculose patiënt die niet vatbaar is voor epidemieën van milde koortsen (omdat die koorts zwakker is dan de tuberculose) en de tuberculose patiënt die tijdelijk geen last heeft van zijn longen tijdens een manische episode. Bij twee gelijksoortige ziekten zal de sterkere ziekte de zwakkere ziekte als het ware uitdoven. Als voorbeeld hiervan gaf Samuel Hahnemann het voorbeeld van een man met een gezwollen testikel die genas na besmetting met de pokken.

De laatste situatie, een sterkere ziekte dooft als het ware een zwakkere gelijksoortige ziekte uit was voor Samuel Hahnemann de verklaring hoe homeopathische middelen konden werken. Een homeopathisch middel zou als het ware een kunstmatige ziekte in het lichaam veroorzaken die gelijksoortig was met de al bestaande natuurlijke ziekte (omdat dat middel gekozen is omdat het dezelfde symptomen kan veroorzaken). Deze sterkere verstoring als gevolg van een homeopathisch middel is als het ware een kunstmatige en verstoring. De kunstmatige verstoring is sterker dan de natuurlijke verstoring en dooft daardoor als het ware de natuurlijke ziekte uit. De kunstmatige ziekte gaat op den duur weg omdat een homeopathisch middel niet elke dag ingenomen wordt en dus op den duur ‘uitgewerkt’ is.

Geneesmiddelproef

Een onderscheidend concept dat klassieke homeopathie onderscheidt van (alle) andere geneeswijzen is dat we echt objectief uitzoeken wat een homeopathisch middel kan genezen door het te testen. Enerzijds zijn er gezonde vrijwilligers die een dagboek bij houden en alle veranderingen noteren die ontstaan na inname van een homeopathisch middel. Ook zijn er verslagen van mensen die helaas vergiftigd worden. Het basis idee is dat wat het kan veroorzaken kan het ook genezen. Deze verslagen van geneesmiddelproeven in combinatie met verslagen van vergiftigingsgevallen geeft de basis van wat een middel kan genezen. Daarna komt er de ervaring bij van mensen die genezen zijn. Door deze bronnen van informatie onderling te delen wordt de informatie die beschreven is van homeopathische middelen steeds uitgebreider en steeds meer bevestigd. Een stichting die zich nu bezig houdt met het uitbreiden van kennis van middelen aan de hand van genezen symptomen is de stichting Archive for Homeopathy. Meer informatie over geneesmiddelproeven zal worden verstrekt in een toekomstig artikel.

Individualiseren

Zoals bij de voorgaande principes al is besproken is het belangrijk om een middel te kiezen dat past bij de totaliteit van de klachten. Binnen de homeopathie behandelen we namelijk niet een bepaalde ziekte maar een persoon die ziek is. De persoon die ziek is, is gevoelig voor een bepaald middel en juist dat middel moet gevonden worden anders heeft het homeopathische middel weinig of geen effect.

Dat een homeopathisch middel bij een persoon werkt is gebaseerd op het feit dat er een sterke affiniteit is tussen de zieke persoon en het homeopathische middel. Het lichaam dat ziek is geeft door middel van symptomen en kenmerken aan voor welk middel men gevoelig is. Het juiste middel bij de juiste persoon zal een genezend effect hebben, terwijl het verkeerde middel geen effect heeft. Men kan dit vergelijken met een vonk en een vat benzine of een rots. Een zelfde vonk zal in een vat benzine direct een flinke brand veroorzaken omdat benzine ‘gevoelig’ is voor een vonk. Diezelfde vonk zal echter bij een rots weinig effect hebben. Zo zie je dat het effect van een vonk (of een middel) vooral afhankelijk is van de ontvanger. Een andere beeldspraak is bijvoorbeeld een deur die alleen geopend kan worden met een bepaalde sleutel. Alleen de juiste sleutel ontsluit het slot van een deur waardoor deze open kan. Ook in de medische wereld is er een analogie in de vorm van allergieën. Iemand kan allergisch zijn voor een bepaald allergeen waardoor een bepaalde (heftige) reactie optreedt als men al met een minimale hoeveelheid van de allergeen in aanraking komt. Niet alle stoffen veroorzaken een allergische reactie bij dezelfde persoon, alleen die waarvoor men allergisch is. De aard van de allergische reactie is ook wisselend van persoon tot persoon: denk aan zonneallergie, voedselallergie, hooikoorts, contacteczeem, etc. Allemaal voorbeelden van allergische reacties voor verschillende stoffen en met verschillende reacties tot gevolg. Niet iedereen heeft last van deze reacties.

George Vithoulkas beschrijft het als het ware dat de trilling van het middel overeen moet komen met die van de zieke persoon.

Één middel tegelijk

Er wordt steeds maar één middel tegelijk gegeven. Dat komt omdat door de geneesmiddelproeven en beschrijvingen van vergiftigingsgevallen duidelijke informatie beschikbaar is die bij een specifiek middel hoort. Verschillende middelen tegelijk geven zou een onzeker effect kunnen hebben. Daarbij komt dat het ‘prikkelen’ van de Dynamus met verschillende prikkels tegelijk mogelijk meer verstoring kan veroorzaken. Zie voor meer informatie hiervoor ook de uitleg bij ‘Complex homeopathie’.

Minimale dosis

Met de minimale dosis wordt bedoeld dat men een dosis moet geven zodat een ziekte ontstaat die net iets sterker is dan de natuurlijke ziekte. De dosis (potentie) die men geeft zou in feite net iets sterker moeten zijn. Meer is niet nodig en overbodig.

Het gaat erom dat er een impuls wordt gegeven die ervoor zorgt dat de patiënt een stap in de richting van gezondheid maakt. Over het algemeen is het zo dat men niet ingrijpt zo lang het genezingsproces nog actief is. Zie verder ook het hoofdstuk ‘Homeopathische behandeling’.

Beoordeling

Hier kunt u uw mening over het artikel geven.

Uw beoordeling

Eventuele opmerkingen:

Eventueel uw email:

Anti-spam: hoeveel is 5+6?

   

Bronnen en interessante links

  • Organon
  • Chronische ziekten
  • xxx

 

 

Nieuws

Copyright 2012 Klassieke Homeopathie Rob Willemse - webdesign Lutra Design